afspringen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of afspringen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: afspringen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: afspringend
Past participle - Verleden deelwoord: afgesprongen

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikspring af
jijspringt af
hijspringt af
wijspringen af
julliespringen af
zijspringen af

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb afgesprongen
jijhebt afgesprongen
hijheeft afgesprongen
wijhebben afgesprongen
julliehebben afgesprongen
zijhebben afgesprongen

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

iksprong af
jijsprong af
hijsprong af
wijsprongen af
julliesprongen af
zijsprongen af

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad afgesprongen
jijhad afgesprongen
hijhad afgesprongen
wijhadden afgesprongen
julliehadden afgesprongen
zijhadden afgesprongen

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal afspringen
jijzult afspringen
hijzal afspringen
wijzullen afspringen
julliezullen afspringen
zijzullen afspringen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal afgesprongen hebben
jijzult afgesprongen hebben
hijzal afgesprongen hebben
wijzullen afgesprongen hebben
julliezullen afgesprongen hebben
zijzullen afgesprongen hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou afspringen
jijzou afspringen
hijzou afspringen
wijzouden afspringen
julliezouden afspringen
zijzouden afspringen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou afgesprongen hebben
jijzou afgesprongen hebben
hijzou afgesprongen hebben
wijzouden afgesprongen hebben
julliezouden afgesprongen hebben
zijzouden afgesprongen hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijspring af

Translations

Synonyms & Antonyms

Synonyms

opspringen
wegspringen
loslaten
losspringen
afketsen
afstuiten, stuklopen

Antonyms

loslaten
vasthouden, beethouden, omklemmen

Sample Sentences

  • De kat sprong van de tafel af. (The cat jumped off the table.)

Etymology

Compound of af + springen.

Additional Information