feliciteren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of feliciteren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: feliciteren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: feliciterend
Past participle - Verleden deelwoord: gefeliciteerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikfeliciteer
jijfeliciteert
hijfeliciteert
wijfeliciteren
julliefeliciteren
zijfeliciteren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gefeliciteerd
jijhebt gefeliciteerd
hijheeft gefeliciteerd
wijhebben gefeliciteerd
julliehebben gefeliciteerd
zijhebben gefeliciteerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikfeliciteerde
jijfeliciteerde
hijfeliciteerde
wijfeliciteerden
julliefeliciteerden
zijfeliciteerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gefeliciteerd
jijhad gefeliciteerd
hijhad gefeliciteerd
wijhadden gefeliciteerd
julliehadden gefeliciteerd
zijhadden gefeliciteerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal feliciteren
jijzult feliciteren
hijzal feliciteren
wijzullen feliciteren
julliezullen feliciteren
zijzullen feliciteren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gefeliciteerd hebben
jijzult gefeliciteerd hebben
hijzal gefeliciteerd hebben
wijzullen gefeliciteerd hebben
julliezullen gefeliciteerd hebben
zijzullen gefeliciteerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou feliciteren
jijzou feliciteren
hijzou feliciteren
wijzouden feliciteren
julliezouden feliciteren
zijzouden feliciteren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gefeliciteerd hebben
jijzou gefeliciteerd hebben
hijzou gefeliciteerd hebben
wijzouden gefeliciteerd hebben
julliezouden gefeliciteerd hebben
zijzouden gefeliciteerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijfeliciteer

Translations

  • congratulate, to express one’s sympathetic pleasure or joy to the person(s) it is felt for
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    • Van harte gefeliciteerd met je verjaardag. (Happy birthday to you.)

    Etymology

    Borrowed from French féliciter. See: French 'féliciter'.

    Verbs referencing "feliciteren"

    Sranan fristiri.

    Additional Information