mijden – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of mijden

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: mijden
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: mijdend
Past participle - Verleden deelwoord: gemeden

Cognates

See the 4 cognates of mijden

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikmijd
jijmijdt
hijmijdt
wijmijden
julliemijden
zijmijden

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gemeden
jijhebt gemeden
hijheeft gemeden
wijhebben gemeden
julliehebben gemeden
zijhebben gemeden

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikmeed
jijmeed
hijmeed
wijmeden
julliemeden
zijmeden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gemeden
jijhad gemeden
hijhad gemeden
wijhadden gemeden
julliehadden gemeden
zijhadden gemeden

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal mijden
jijzult mijden
hijzal mijden
wijzullen mijden
julliezullen mijden
zijzullen mijden

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gemeden hebben
jijzult gemeden hebben
hijzal gemeden hebben
wijzullen gemeden hebben
julliezullen gemeden hebben
zijzullen gemeden hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou mijden
jijzou mijden
hijzou mijden
wijzouden mijden
julliezouden mijden
zijzouden mijden

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gemeden hebben
jijzou gemeden hebben
hijzou gemeden hebben
wijzouden gemeden hebben
julliezouden gemeden hebben
zijzouden gemeden hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijmijd

Translations

  • ostracize, to exclude a person from a community or from society by not communicating with them or by refusing to acknowledge their presence
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    ontlopen
    ontwijken

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch mîden, from Old Dutch mīthan, from Proto-West Germanic *mīþan, from Proto-Germanic *mīþaną. See: Proto-Germanic '*mīþaną'.

    Verbs referencing "mijden"

    German, old spelling meiden, Luxembourgish meiden, Old English miþan, Middle English mithen.

    Additional Information