afdwingen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of afdwingen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: afdwingen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: afdwingend
Past participle - Verleden deelwoord: afgedwongen

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikdwing af
jijdwingt af
hijdwingt af
wijdwingen af
julliedwingen af
zijdwingen af

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb afgedwongen
jijhebt afgedwongen
hijheeft afgedwongen
wijhebben afgedwongen
julliehebben afgedwongen
zijhebben afgedwongen

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikdwong af
jijdwong af
hijdwong af
wijdwongen af
julliedwongen af
zijdwongen af

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad afgedwongen
jijhad afgedwongen
hijhad afgedwongen
wijhadden afgedwongen
julliehadden afgedwongen
zijhadden afgedwongen

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal afdwingen
jijzult afdwingen
hijzal afdwingen
wijzullen afdwingen
julliezullen afdwingen
zijzullen afdwingen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal afgedwongen hebben
jijzult afgedwongen hebben
hijzal afgedwongen hebben
wijzullen afgedwongen hebben
julliezullen afgedwongen hebben
zijzullen afgedwongen hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou afdwingen
jijzou afdwingen
hijzou afdwingen
wijzouden afdwingen
julliezouden afdwingen
zijzouden afdwingen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou afgedwongen hebben
jijzou afgedwongen hebben
hijzou afgedwongen hebben
wijzouden afgedwongen hebben
julliezouden afgedwongen hebben
zijzouden afgedwongen hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijdwing af

Translations

  • force, cause to occur, overcoming resistance
  • compel, exact by force
  • bludgeon, to force upon
  • coerce, to use force, threat, or intimidation in attempt to compel one to act against their will
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    aftroggelen
    afbietsen, loskrijgen, ontfutselen
    forceren
    doordrijven

    Sample Sentences

    • Hij probeerde zijn wil op anderen te afdwingen door dreigementen. (He tried to coerce others by using threats.)
    • De misdadiger probeerde geld te afdwingen door een gijzelaar te nemen. (The criminal tried to obtain by force by taking a hostage.)
    • De nieuwe regels zullen strenger worden afgedwongen om de veiligheid te verbeteren. (The new rules will be enforced more strictly to improve safety.)
    • Het is belangrijk dat de wetten worden afgedwongen om eerlijke concurrentie te waarborgen. (It is important that the laws are enforced to ensure fair competition.)

    Etymology

    From Middle Dutch afdwingen. Equivalent to af + dwingen.

    Additional Information