bibberen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of bibberen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: bibberen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: bibberend
Past participle - Verleden deelwoord: gebibberd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbibber
jijbibbert
hijbibbert
wijbibberen
julliebibberen
zijbibberen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gebibberd
jijhebt gebibberd
hijheeft gebibberd
wijhebben gebibberd
julliehebben gebibberd
zijhebben gebibberd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbibberde
jijbibberde
hijbibberde
wijbibberden
julliebibberden
zijbibberden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gebibberd
jijhad gebibberd
hijhad gebibberd
wijhadden gebibberd
julliehadden gebibberd
zijhadden gebibberd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal bibberen
jijzult bibberen
hijzal bibberen
wijzullen bibberen
julliezullen bibberen
zijzullen bibberen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gebibberd hebben
jijzult gebibberd hebben
hijzal gebibberd hebben
wijzullen gebibberd hebben
julliezullen gebibberd hebben
zijzullen gebibberd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou bibberen
jijzou bibberen
hijzou bibberen
wijzouden bibberen
julliezouden bibberen
zijzouden bibberen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gebibberd hebben
jijzou gebibberd hebben
hijzou gebibberd hebben
wijzouden gebibberd hebben
julliezouden gebibberd hebben
zijzouden gebibberd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbibber

Translations

  • shiver, to tremble or shake
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    beven
    rillen, trillen
    rillen
    beven, huiveren, trillen
    sidderen
    beven, huiveren, rillen, trillen
    trillen
    beven, huiveren, rillen, sidderen

    Sample Sentences

    Etymology

    From beven + -eren, with gemination. Compare German bibbern, English biver. See: German, old spelling 'bibbern', English 'biver'.

    Verbs referencing "bibberen"

    German, old spelling bibbern, English biver.

    Additional Information