bewerken – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of bewerken

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: bewerken
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: bewerkend
Past participle - Verleden deelwoord: bewerkt

Cognates

See the 3 cognates of bewerken

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbewerk
jijbewerkt
hijbewerkt
wijbewerken
julliebewerken
zijbewerken

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb bewerkt
jijhebt bewerkt
hijheeft bewerkt
wijhebben bewerkt
julliehebben bewerkt
zijhebben bewerkt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbewerkte
jijbewerkte
hijbewerkte
wijbewerkten
julliebewerkten
zijbewerkten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad bewerkt
jijhad bewerkt
hijhad bewerkt
wijhadden bewerkt
julliehadden bewerkt
zijhadden bewerkt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal bewerken
jijzult bewerken
hijzal bewerken
wijzullen bewerken
julliezullen bewerken
zijzullen bewerken

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal bewerkt hebben
jijzult bewerkt hebben
hijzal bewerkt hebben
wijzullen bewerkt hebben
julliezullen bewerkt hebben
zijzullen bewerkt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou bewerken
jijzou bewerken
hijzou bewerken
wijzouden bewerken
julliezouden bewerken
zijzouden bewerken

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou bewerkt hebben
jijzou bewerkt hebben
hijzou bewerkt hebben
wijzouden bewerkt hebben
julliezouden bewerkt hebben
zijzouden bewerkt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbewerk

Translations

  • adapt, to fit by alteration
  • adapt, to make by altering
  • cultivate, turn or stir soil in preparation for planting
  • edit, to change a text, or a document
  • fret, to cut through with a fretsaw
  • till, to work or cultivate
  • tool, to work on or shape with tools
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    aanpassen
    omwerken
    beeldhouwen
    decoreren, versieren
    bepraten
    lijmen, ompraten, overhalen
    bewerkstelligen
    realiseren, teweegbrengen

    Sample Sentences

    • [...] wat ik ook verzon. Dit herinnert mij, dat mij nog vele dingen ontbraken, niettegenstaande al wat ik bijeengeraapt had; hieronder behoorde de inkt, eene spade, houweel en schop, om den grond te bewerken; naalden, spelden en garen. Wat linnen betrof, dit leerde ik spoedig zonder moeite ontberen. (Robinson Crusoe)
    • [...] ik mijne kleine schans, of met palissaden bezette woning, voltooid had; het kappen der palen en staken, die zoo zwaar waren als ik ze slechts vervoeren kon, vereischte veel tijd, en nog meer het bewerken en naar huis slepen. Ik bragt somtijds twee dagen door met een dezer palen te kappen en naar huis te brengen, en een derden met dien in den grond te slaan, waartoe ik eerst een zwaar stuk hout [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] de geheele plaats vulden. Ik kon mij keeren noch wenden, dus begon ik mijn kelder te vergrooten, en dieper in den grond te werken, want de rots bestond uit lossen zandsteen, die gemakkelijk te bewerken was; en toen ik vond, dat ik voor verscheurende dieren veilig was, werkte ik zijwaarts in de rots, en toen weder regtsaf werkende, groef ik tot naar buiten, en maakte eene deur, waardoor ik buiten [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] moeite zoo veel van den stam af tot hij bewogen kon worden; toen keerde ik hem op zijde, en maakte een kant, van het begin tot het einde, zoo vlak en effen als eene plank, en keerde toen hem om, en bewerkte de andere zijde even zoo, tot ik een plank van drie duim dik had, die aan beide zijden vlak was. Men oordeele welk een arbeid dit was; maar geduld en vlijt hielpen mij dit en vele andere dingen [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] stukken vielen, als ik ze wilde optillen, zoo wel voor als nadat zij gedroogd waren; en om kort te gaan, hoe, nadat ik met veel moeite klei gevonden, uitgedolven, naar huis gebragt, aangemengd en bewerkt had, ik slechts twee groote leelijke aarden dingen, die men geen potten noemen mogt, na een arbeid van twee maanden, tot stand had gebragt. (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch bewerken, from Old Dutch bewirken. Equivalent to be- + werken.

    Verbs referencing "bewerken"

    English bework.

    Additional Information