geloven – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of geloven

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: geloven
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: gelovend
Past participle - Verleden deelwoord: geloofd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikgeloof
jijgelooft
hijgelooft
wijgeloven
julliegeloven
zijgeloven

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geloofd
jijhebt geloofd
hijheeft geloofd
wijhebben geloofd
julliehebben geloofd
zijhebben geloofd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikgeloofde
jijgeloofde
hijgeloofde
wijgeloofden
julliegeloofden
zijgeloofden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geloofd
jijhad geloofd
hijhad geloofd
wijhadden geloofd
julliehadden geloofd
zijhadden geloofd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal geloven
jijzult geloven
hijzal geloven
wijzullen geloven
julliezullen geloven
zijzullen geloven

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geloofd hebben
jijzult geloofd hebben
hijzal geloofd hebben
wijzullen geloofd hebben
julliezullen geloofd hebben
zijzullen geloofd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou geloven
jijzou geloven
hijzou geloven
wijzouden geloven
julliezouden geloven
zijzouden geloven

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geloofd hebben
jijzou geloofd hebben
hijzou geloofd hebben
wijzouden geloofd hebben
julliezouden geloofd hebben
zijzouden geloofd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijgeloof

Verbs conjugated like 'geloven'

aandraven, aaneenkleven, aanschaven, afroven, afschaven, afsloven, beleven, beloven, beroven, beschaven, beven, dichtreven, doven, draven, geloven, kleven, kloven, laven, leven, loven, etc. (List truncated at 20 verbs)

Verbs similar to 'geloven'

beloven, beleven, belonen, beroven, delven, gedogen, gelden, geven, golven, kloven,

Translations

  • believe, to accept as true
  • believe, to accept that someone is telling the truth (object: person)
  • believe, to consider likely
  • believe, to have religious faith; to believe in a greater truth
  • buy, to accept as true
  • credence, acceptance of a belief or claim
  • credit, to believe
  • think, guess, reckon
  • understand, to believe one grasps the meaning of
  • understand, to believe
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    vertrouwen
    wantrouwen
    aannemen
    denken, menen, veronderstellen

    Sample Sentences

    • [...] 40 [ £ ] Sterl. aan zoodanige snuisterijen als hij mij opgaf. Deze 40 [ £ ] Sterl. had ik bijeengebragt door behulp van eenige mijner bloedverwanten, waarmede ik briefwisseling hield en die, geloof ik, mijn vader, of althans mijne moeder, overgehaald hadden mij die som af te staan. (Robinson Crusoe)
    • Zoodra het echter duister werd, veranderde ik van koers, en stuurde Z.Z.O., om niet te ver van de kust af te raken. De wind was stevig, de zee kalm, zoo dat ik geloof, dat ik den volgenden middag te drie uren, toen ik het eerst land zag, ten minste vijftig mijlen van Salé, buiten het gebied van den Marokkaanschen keizer of eenig ander vorst was, want wij zagen [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] vervolgende (naar het ons toescheen ) van het gebergte zeewaarts loopen. Wij wisten niet of het mannetje het wijfje achtervolgde, en evenmin of hunne verschijning iets gewoons of ongewoons was. Ik geloof echter het laatste, want vooreerst komen de verscheurende dieren zelden anders dan des nachts te voorschijn; ten tweede waren de Negers, vooral de vrouwen, doodelijk verschrikt. De man die de lans [...] (Robinson Crusoe)
    • Het was eene onuitsprekelijke vreugde voor mij, gelijk iedereen wel zal willen gelooven, dat ik mij uit een zoo jammerlijken en schier hopeloozen toestand, waarin ik mij bevonden had, gelijk ik begreep, gered zag. Oogenblikkelijk bood ik den kapitein van het schip alles aan wat ik [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] langs onze eigene kust, met oogmerk naar de Afrikaansche kust over te steken, als wij op de hoogte van 10° of 12° N. breedte zouden gekomen zijn, een koers dien men toen gewoonlijk hield, naar ik geloof. Wij hadden goed weder, maar uiterst warm, tot wij op de hoogte van kaap St. Augustijn kwamen, waar wij zeewaarts hielden en koers stelden, alsof wij naar het eiland Fernand de Norouba bestemd [...] (Robinson Crusoe)
    • Ik was nu aan land en begon rond te zien en God voor mijn behoud te danken, in een geval waarin, eenige oogenblikken te voren, schier geene hoop op redding was. Ik geloof, dat het onmogelijk is de verrukking te schilderen, die men gevoelt als men zoo, als het ware uit het graf zelf gered wordt, en het verwondert mij thans niet meer, dat men gewoon is, als een ter [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] en na een korten stok tot mijne verdediging, daar af te hebben gesneden, viel ik, daar ik zeer vermoeid was, in slaap. Ik sliep zoo gerust, als weinigen in mijn toestand zouden gedaan hebben, en ik geloof, dat nimmer een slaap mij zoo verkwikt heeft. (Robinson Crusoe)
    • [...] bijkans in het water lag; hierdoor was het geheele achterschip heel, en al wat daar was, droog gebleven. Mijne eerste zorg was te onderzoeken wat beschadigd en wat goed gebleven was, gelijk men wel gelooven zal. Ik vond, dat al de provisie droog en goed gebleven was, en daar ik uitgehongerd was, vulde ik mijne zakken met beschuit, en at die op, terwijl ik naar andere dingen rondzag, want ik had geen [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] soort ik niet kende, en waarvan ik niet wist of hun vleesch eetbaar was of niet. Toen ik terugkeerde, schoot ik een grooten vogel, dien ik op een boom aan den zoom van een groot bosch zag zitten. Ik geloof, dat het het eerste schot was, dat daar, sedert de schepping, gevallen was. Naauwelijks had ik gevuurd, of uit alle deelen van het bosch rees eene ontzettende menigte vogels van allerlei soort op, [...] (Robinson Crusoe)
    • Ik had nu het grootste magazijn van allerlei voorraad, dat ooit geloof ik, voor één mensch was neergelegd; maar ik was nog niet voldaan, want zoo lang het schip in dier voege bleef zitten, achtte ik het raadzaam er alles uit te halen wat ik kon; dus ging ik elken dag [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch gelôven, from Old Dutch gilōven, from Proto-Germanic *galaubijaną (“to believe, hold valuable”). Cognate with German glauben. See: Proto-Germanic '*galaubijaną', German, old spelling 'glauben'.

    Verbs referencing "geloven"

    German, old spelling glauben, English believe, Afrikaans glo, Old English geliefan, Luxembourgish gleewen, Low Saxon glöven, German, Pennsylvania glaawe.

    Additional Information