compileren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of compileren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: compileren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: compilerend
Past participle - Verleden deelwoord: gecompileerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikcompileer
jijcompileert
hijcompileert
wijcompileren
julliecompileren
zijcompileren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gecompileerd
jijhebt gecompileerd
hijheeft gecompileerd
wijhebben gecompileerd
julliehebben gecompileerd
zijhebben gecompileerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikcompileerde
jijcompileerde
hijcompileerde
wijcompileerden
julliecompileerden
zijcompileerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gecompileerd
jijhad gecompileerd
hijhad gecompileerd
wijhadden gecompileerd
julliehadden gecompileerd
zijhadden gecompileerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal compileren
jijzult compileren
hijzal compileren
wijzullen compileren
julliezullen compileren
zijzullen compileren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gecompileerd hebben
jijzult gecompileerd hebben
hijzal gecompileerd hebben
wijzullen gecompileerd hebben
julliezullen gecompileerd hebben
zijzullen gecompileerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou compileren
jijzou compileren
hijzou compileren
wijzouden compileren
julliezouden compileren
zijzouden compileren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gecompileerd hebben
jijzou gecompileerd hebben
hijzou gecompileerd hebben
wijzouden gecompileerd hebben
julliezouden gecompileerd hebben
zijzouden gecompileerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijcompileer

Translations

  • compilate, assemble from a collection
  • compile, assemble from a collection
  • compilate, produce executable
  • compile, produce executable
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch compileren, from Old French compiler, from Latin compīlō. See: Old French 'compiler', Latin 'compīlō'.

    Additional Information