comprimeren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of comprimeren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: comprimeren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: comprimerend
Past participle - Verleden deelwoord: gecomprimeerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikcomprimeer
jijcomprimeert
hijcomprimeert
wijcomprimeren
julliecomprimeren
zijcomprimeren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gecomprimeerd
jijhebt gecomprimeerd
hijheeft gecomprimeerd
wijhebben gecomprimeerd
julliehebben gecomprimeerd
zijhebben gecomprimeerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikcomprimeerde
jijcomprimeerde
hijcomprimeerde
wijcomprimeerden
julliecomprimeerden
zijcomprimeerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gecomprimeerd
jijhad gecomprimeerd
hijhad gecomprimeerd
wijhadden gecomprimeerd
julliehadden gecomprimeerd
zijhadden gecomprimeerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal comprimeren
jijzult comprimeren
hijzal comprimeren
wijzullen comprimeren
julliezullen comprimeren
zijzullen comprimeren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gecomprimeerd hebben
jijzult gecomprimeerd hebben
hijzal gecomprimeerd hebben
wijzullen gecomprimeerd hebben
julliezullen gecomprimeerd hebben
zijzullen gecomprimeerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou comprimeren
jijzou comprimeren
hijzou comprimeren
wijzouden comprimeren
julliezouden comprimeren
zijzouden comprimeren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gecomprimeerd hebben
jijzou gecomprimeerd hebben
hijzou gecomprimeerd hebben
wijzouden gecomprimeerd hebben
julliezouden gecomprimeerd hebben
zijzouden gecomprimeerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijcomprimeer

Translations

  • compress, to press together into a smaller space
  • compress, to be pressed together
  • compress, to condense
  • compress, to encode digital information into less bits
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from French comprimer, from Latin comprimō. See: French 'comprimer', Latin 'comprimō'.

    Verbs referencing "comprimeren"

    Czech komprimovat.

    Additional Information