penetreren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of penetreren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: penetreren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: penetrerend
Past participle - Verleden deelwoord: gepenetreerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikpenetreer
jijpenetreert
hijpenetreert
wijpenetreren
julliepenetreren
zijpenetreren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gepenetreerd
jijhebt gepenetreerd
hijheeft gepenetreerd
wijhebben gepenetreerd
julliehebben gepenetreerd
zijhebben gepenetreerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikpenetreerde
jijpenetreerde
hijpenetreerde
wijpenetreerden
julliepenetreerden
zijpenetreerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gepenetreerd
jijhad gepenetreerd
hijhad gepenetreerd
wijhadden gepenetreerd
julliehadden gepenetreerd
zijhadden gepenetreerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal penetreren
jijzult penetreren
hijzal penetreren
wijzullen penetreren
julliezullen penetreren
zijzullen penetreren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gepenetreerd hebben
jijzult gepenetreerd hebben
hijzal gepenetreerd hebben
wijzullen gepenetreerd hebben
julliezullen gepenetreerd hebben
zijzullen gepenetreerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou penetreren
jijzou penetreren
hijzou penetreren
wijzouden penetreren
julliezouden penetreren
zijzouden penetreren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gepenetreerd hebben
jijzou gepenetreerd hebben
hijzou gepenetreerd hebben
wijzouden gepenetreerd hebben
julliezouden gepenetreerd hebben
zijzouden gepenetreerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijpenetreer

Translations

  • fuck, to insert an object into a specified body part
  • penetrate, enter into
  • penetrate, insert the penis into an opening, such as a vagina
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    doordrenken
    drenken

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from French pénétrer, from Latin penetrāre. See: French 'pénétrer', Latin 'penetro'.

    Additional Information