determineren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of determineren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: determineren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: determinerend
Past participle - Verleden deelwoord: gedetermineerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikdetermineer
jijdetermineert
hijdetermineert
wijdetermineren
julliedetermineren
zijdetermineren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gedetermineerd
jijhebt gedetermineerd
hijheeft gedetermineerd
wijhebben gedetermineerd
julliehebben gedetermineerd
zijhebben gedetermineerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikdetermineerde
jijdetermineerde
hijdetermineerde
wijdetermineerden
julliedetermineerden
zijdetermineerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gedetermineerd
jijhad gedetermineerd
hijhad gedetermineerd
wijhadden gedetermineerd
julliehadden gedetermineerd
zijhadden gedetermineerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal determineren
jijzult determineren
hijzal determineren
wijzullen determineren
julliezullen determineren
zijzullen determineren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gedetermineerd hebben
jijzult gedetermineerd hebben
hijzal gedetermineerd hebben
wijzullen gedetermineerd hebben
julliezullen gedetermineerd hebben
zijzullen gedetermineerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou determineren
jijzou determineren
hijzou determineren
wijzouden determineren
julliezouden determineren
zijzouden determineren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gedetermineerd hebben
jijzou gedetermineerd hebben
hijzou gedetermineerd hebben
wijzouden gedetermineerd hebben
julliezouden gedetermineerd hebben
zijzouden gedetermineerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijdetermineer

Translations

  • define, to determine
  • extract, to determine
  • identify, (biology) to establish the taxonomic classification of an organism
  • set, to determine
  • settle, to determine
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    bepalen
    bestemmen, vaststellen

    Sample Sentences

    • Het is me niet gelukt het plantje te determineren. (I was not able to identify the plant species.)

    Etymology

    Borrowed from Middle French déterminer.

    Additional Information