openbaren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of openbaren

The word "openbaren" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: openbaren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: openbarend
Past participle - Verleden deelwoord: opengebaard

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbaar open
jijbaart open
hijbaart open
wijbaren open
julliebaren open
zijbaren open

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb opengebaard
jijhebt opengebaard
hijheeft opengebaard
wijhebben opengebaard
julliehebben opengebaard
zijhebben opengebaard

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbaarde open
jijbaarde open
hijbaarde open
wijbaarden open
julliebaarden open
zijbaarden open

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad opengebaard
jijhad opengebaard
hijhad opengebaard
wijhadden opengebaard
julliehadden opengebaard
zijhadden opengebaard

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal openbaren
jijzult openbaren
hijzal openbaren
wijzullen openbaren
julliezullen openbaren
zijzullen openbaren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal opengebaard hebben
jijzult opengebaard hebben
hijzal opengebaard hebben
wijzullen opengebaard hebben
julliezullen opengebaard hebben
zijzullen opengebaard hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou openbaren
jijzou openbaren
hijzou openbaren
wijzouden openbaren
julliezouden openbaren
zijzouden openbaren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou opengebaard hebben
jijzou opengebaard hebben
hijzou opengebaard hebben
wijzouden opengebaard hebben
julliezouden opengebaard hebben
zijzouden opengebaard hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbaar open

Verbs similar to 'openbaren'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

From openbaar + -en.

Additional Information