boksen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of boksen

The word "boksen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: boksen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: boksend
Past participle - Verleden deelwoord: gebokst

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikboks
jijbokst
hijbokst
wijboksen
jullieboksen
zijboksen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gebokst
jijhebt gebokst
hijheeft gebokst
wijhebben gebokst
julliehebben gebokst
zijhebben gebokst

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbokste
jijbokste
hijbokste
wijboksten
jullieboksten
zijboksten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gebokst
jijhad gebokst
hijhad gebokst
wijhadden gebokst
julliehadden gebokst
zijhadden gebokst

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal boksen
jijzult boksen
hijzal boksen
wijzullen boksen
julliezullen boksen
zijzullen boksen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gebokst hebben
jijzult gebokst hebben
hijzal gebokst hebben
wijzullen gebokst hebben
julliezullen gebokst hebben
zijzullen gebokst hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou boksen
jijzou boksen
hijzou boksen
wijzouden boksen
julliezouden boksen
zijzouden boksen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gebokst hebben
jijzou gebokst hebben
hijzou gebokst hebben
wijzouden gebokst hebben
julliezouden gebokst hebben
zijzouden gebokst hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijboks

Verbs similar to 'boksen'

Translations

  • box, to fight against (a person) in a boxing match
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from English box. See: English 'box'.

    Verbs referencing "boksen"

    Indonesian boksen.

    Additional Information