tweeten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of tweeten

The word "tweeten" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: tweeten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: tweetend
Past participle - Verleden deelwoord: getweet

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

iktweet
jijtweet
hijtweet
wijtweeten
jullietweeten
zijtweeten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb getweet
jijhebt getweet
hijheeft getweet
wijhebben getweet
julliehebben getweet
zijhebben getweet

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

iktweette
jijtweette
hijtweette
wijtweetten
jullietweetten
zijtweetten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad getweet
jijhad getweet
hijhad getweet
wijhadden getweet
julliehadden getweet
zijhadden getweet

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal tweeten
jijzult tweeten
hijzal tweeten
wijzullen tweeten
julliezullen tweeten
zijzullen tweeten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal getweet hebben
jijzult getweet hebben
hijzal getweet hebben
wijzullen getweet hebben
julliezullen getweet hebben
zijzullen getweet hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou tweeten
jijzou tweeten
hijzou tweeten
wijzouden tweeten
julliezouden tweeten
zijzouden tweeten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou getweet hebben
jijzou getweet hebben
hijzou getweet hebben
wijzouden getweet hebben
julliezouden getweet hebben
zijzouden getweet hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijtweet

Verbs similar to 'tweeten'

Translations

  • tweet, internet: to post an update to Twitter
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from English tweet See: English 'tweet'.

    Additional Information