toebereiden – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of toebereiden

The word "toebereiden" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: toebereiden
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: toebereidend
Past participle - Verleden deelwoord: toebereid

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbereid toe
jijbereidt toe
hijbereidt toe
wijbereiden toe
julliebereiden toe
zijbereiden toe

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb toebereid
jijhebt toebereid
hijheeft toebereid
wijhebben toebereid
julliehebben toebereid
zijhebben toebereid

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbereidde toe
jijbereidde toe
hijbereidde toe
wijbereidden toe
julliebereidden toe
zijbereidden toe

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad toebereid
jijhad toebereid
hijhad toebereid
wijhadden toebereid
julliehadden toebereid
zijhadden toebereid

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal toebereiden
jijzult toebereiden
hijzal toebereiden
wijzullen toebereiden
julliezullen toebereiden
zijzullen toebereiden

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal toebereid hebben
jijzult toebereid hebben
hijzal toebereid hebben
wijzullen toebereid hebben
julliezullen toebereid hebben
zijzullen toebereid hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou toebereiden
jijzou toebereiden
hijzou toebereiden
wijzouden toebereiden
julliezouden toebereiden
zijzouden toebereiden

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou toebereid hebben
jijzou toebereid hebben
hijzou toebereid hebben
wijzouden toebereid hebben
julliezouden toebereid hebben
zijzouden toebereid hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbereid toe

Verbs similar to 'toebereiden'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Additional Information