stappen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of stappen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: stappen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: stappend
Past participle - Verleden deelwoord: gestapt

Cognates

See the 2 cognates of stappen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikstap
jijstapt
hijstapt
wijstappen
julliestappen
zijstappen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gestapt
jijhebt gestapt
hijheeft gestapt
wijhebben gestapt
julliehebben gestapt
zijhebben gestapt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikstapte
jijstapte
hijstapte
wijstapten
julliestapten
zijstapten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gestapt
jijhad gestapt
hijhad gestapt
wijhadden gestapt
julliehadden gestapt
zijhadden gestapt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal stappen
jijzult stappen
hijzal stappen
wijzullen stappen
julliezullen stappen
zijzullen stappen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gestapt hebben
jijzult gestapt hebben
hijzal gestapt hebben
wijzullen gestapt hebben
julliezullen gestapt hebben
zijzullen gestapt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou stappen
jijzou stappen
hijzou stappen
wijzouden stappen
julliezouden stappen
zijzouden stappen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gestapt hebben
jijzou gestapt hebben
hijzou gestapt hebben
wijzouden gestapt hebben
julliezouden gestapt hebben
zijzouden gestapt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijstap

Translations

  • step, intransitive: to move the foot in walking
  • step, intransitive: to go on foot; especially, to walk a little distance
  • step, intransitive: to walk slowly, gravely, or resolutely
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    benen
    lopen, stevenen
    boemelen
    pierewaaien, uitgaan

    Sample Sentences

    • [...] terug te houden, waar hij zijn dood had gevonden. Hij verzekerde mij, dat hij nimmer zou ophouden voor mijn welzijn te bidden, maar dat hij mij durfde voorspellen, dat, zoo ik den onzinnigen stap, waartoe ik voornemens scheen, uitvoerde, ik niet op ' s Hemels zegen hopen mogt, en dat het naderhand mij eenmaal zou berouwen, dat ik zijn raad niet gevolgd had, als ik in het ongeluk geraakte en [...] (Robinson Crusoe)
    • In deze verlegenheid stapte ik geheel verslagen in de tent en ging daar zitten, terwijl ik Xury aan het roer had gelaten. Eensklaps riep de jongen: " Meester, meester, een schip, een zeil ! " De arme jongen bestierf het schier [...] (Robinson Crusoe)
    • Na mijne boot goed vastgelegd te hebben, nam ik mijn geweer en stapte aan land, waar ik op een heuvel klom, van welken ik dacht die kaap te kunnen overzien, en waar ik hare geheele uitgestrektheid waarnam, en besloot het te wagen. Toen ik van den heuvel, waarop ik [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] van wilden dreigde, was ik zeer bedrukt, waarop mij de woorden der Heilige Schrift invielen: " Roep Mij aan in den dag der benaauwing, en Ik zal u verlossen en gij zult Mij verheerlijken. " Hierop stapte ik welgemoed ten bedde uit; niet alleen was mijn hart gesterkt, maar ik was geleid en bemoedigd om God ernstig om verlossing te smeeken. Het is onmogelijk te zeggen, welk eene gerustheid dit mij [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] zouden mijne te berge staande haren dien misschien opgeligt hebben. Maar nog trachtte ik moed te scheppen met het denkbeeld, dat God alomtegenwoordig was en mij kon beschermen, en weder voorwaarts stappende, zag ik bij het licht van het brandend hout, dat ik boven mijn hoofd hield, zag ik, zeg ik, een allermonsterachtigsten, vreesselijken ouden bok op den grond liggen, die daar lag te zieltogen en van [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] het geval niet, ook niet van iets wat daarop betrekking had; maar ik droomde, dat ik in den morgen, gelijk gewoonlijk, buiten mijn kasteel ging, en op het strand twee kanoes zag, waaruit elf wilden stapten, en dat zij een anderen wilde medebragten, dien zij wilden dooden om hem op te eten, maar juist toen zij hem wilden slagten, rukte de wilde zich plotseling los, en nam de vlugt. Daarop verbeeldde ik [...] (Robinson Crusoe)
    • De zeven matrozen stapten aan wal, en de drie, die in de boot bleven, roeiden haar op een goeden afstand van den wal af, en gingen daar voor anker liggen, om hen af te wachten, zoodat het ons onmogelijk was hen te bereiken. [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch stappen (preterite stiep and stappede), also steppen. Probably from a merger of Old Dutch *steppan and *stappon, respectively from Proto-West Germanic *stappjan (whence English step) and *stappōn (whence German stapfen). By surface analysis, stap + -en. The sense to go out (ca. 1970) may derive from op stap (“on the town, out”). See: English 'step', German, old spelling 'stapfen'.

    Verbs referencing "stappen"

    English step, German, old spelling stapfen.

    Additional Information