meevragen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of meevragen

The word "meevragen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: meevragen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: meevragend
Past participle - Verleden deelwoord: meegevraagd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikvraag mee
jijvraagt mee
hijvraagt mee
wijvragen mee
jullievragen mee
zijvragen mee

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb meegevraagd
jijhebt meegevraagd
hijheeft meegevraagd
wijhebben meegevraagd
julliehebben meegevraagd
zijhebben meegevraagd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikvraagde mee
jijvraagde mee
hijvraagde mee
wijvraagden mee
jullievraagden mee
zijvraagden mee

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad meegevraagd
jijhad meegevraagd
hijhad meegevraagd
wijhadden meegevraagd
julliehadden meegevraagd
zijhadden meegevraagd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal meevragen
jijzult meevragen
hijzal meevragen
wijzullen meevragen
julliezullen meevragen
zijzullen meevragen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal meegevraagd hebben
jijzult meegevraagd hebben
hijzal meegevraagd hebben
wijzullen meegevraagd hebben
julliezullen meegevraagd hebben
zijzullen meegevraagd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou meevragen
jijzou meevragen
hijzou meevragen
wijzouden meevragen
julliezouden meevragen
zijzouden meevragen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou meegevraagd hebben
jijzou meegevraagd hebben
hijzou meegevraagd hebben
wijzouden meegevraagd hebben
julliezouden meegevraagd hebben
zijzouden meegevraagd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijvraag mee

Verbs similar to 'meevragen'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Additional Information