leren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of leren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: leren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: lerend
Past participle - Verleden deelwoord: geleerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikleer
jijleert
hijleert
wijleren
jullieleren
zijleren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geleerd
jijhebt geleerd
hijheeft geleerd
wijhebben geleerd
julliehebben geleerd
zijhebben geleerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikleerde
jijleerde
hijleerde
wijleerden
jullieleerden
zijleerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geleerd
jijhad geleerd
hijhad geleerd
wijhadden geleerd
julliehadden geleerd
zijhadden geleerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal leren
jijzult leren
hijzal leren
wijzullen leren
julliezullen leren
zijzullen leren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geleerd hebben
jijzult geleerd hebben
hijzal geleerd hebben
wijzullen geleerd hebben
julliezullen geleerd hebben
zijzullen geleerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou leren
jijzou leren
hijzou leren
wijzouden leren
julliezouden leren
zijzouden leren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geleerd hebben
jijzou geleerd hebben
hijzou geleerd hebben
wijzouden geleerd hebben
julliezouden geleerd hebben
zijzouden geleerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijleer

Translations

  • learn, to acquire knowledge or ability
  • learn, to be studying
  • teach, to pass on knowledge
  • glean, gather information in small amounts, with implied difficulty, bit by bit
  • study, to revise/review materials
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    bijbrengen
    instrueren, onderrichten, onderwijzen

    Sample Sentences

    • [...] zijn ver boven u of ver beneden u. " Hij voegde er bij, dat ik tot den middelstand behoorde, dat is tot dien, welke den hoogsten trap onder de mindere klassen beslaat; een staat, die de ervaring hem geleerd had, dat de gelukkigste voor den mensch is; dewijl men er niet blootgesteld is aan den zwaren arbeid en de ontberingen, waaraan zij, die van hunnen handenarbeid leven, zich moeten onderwerpen, en te [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] berooven; verwijderd van de knagingen der afgunst, niet verteerd door bedekte eerzucht; aldus wandelt men welgemoed het leven door, smaakt de zuiverste geneugten des levens, gevoelt zijn geluk en leert dagelijks zijn lot meer naar waarde schatten. " Hierop drong hij ernstig en op de liefderijkste wijze er bij mij op aan, dat ik niet als een loszinnige jongen zou handelen, en mij niet in ellenden [...] (Robinson Crusoe)
    • Mijn grootste ongeluk bij al deze avonturen, was, dat ik niet als matroos scheep ging; ik had dan wel wat zwaarder moeten werken, maar zou te gelijker tijd het scheepswerk geleerd, en mij voor onder- of opperstuurman, of zelfs voor kapitein bekwaam gemaakt hebben. Maar steeds was het mijn lot den verkeerden weg in te slaan, zoo als ook hier geschiedde. Ik had nu geld op zak [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] was het mijn lot den verkeerden weg in te slaan, zoo als ook hier geschiedde. Ik had nu geld op zak en goede kleederen aan, en wilde dus altijd als een heer scheep gaan; hier had ik niets te doen en leerde dus ook niets. (Robinson Crusoe)
    • [...] mag ik zeggen, van al mijne avonturen, de eenigste gelukkige reis, hetgeen ik aan mijn vriend, den kapitein te danken had, van wien ik eene tamelijke kennis der wiskunde en van de stuurmanskunst leerde. Ook leerde hij mij het journaal houden, het bestek opmaken, kortom al wat een zeeman noodig heeft; want hij had even veel vermaak in mij te onderrigten, als ik in het leeren. In een woord, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] van al mijne avonturen, de eenigste gelukkige reis, hetgeen ik aan mijn vriend, den kapitein te danken had, van wien ik eene tamelijke kennis der wiskunde en van de stuurmanskunst leerde. Ook leerde hij mij het journaal houden, het bestek opmaken, kortom al wat een zeeman noodig heeft; want hij had even veel vermaak in mij te onderrigten, als ik in het leeren. In een woord, deze reis maakte van [...] (Robinson Crusoe)
    • Hierdoor geleerd, besloot de kapitein in het vervolg voorzigtiger te zijn, en daar hij de groote boot van ons schip medegenomen had, besloot hij niet meer zonder een kompas en eenige mondbehoeften uit visschen te [...] (Robinson Crusoe)
    • — " Dan zullen wij schieten en ze wegjagen, " zeide Xury lagchende. Hij had van Engelsche slaven wat gebroken Engelsch geleerd. Ik was blijde, dat hij zoo welgemoed was, en gaf hem een slokje uit mijn meesters likeurkistje.—Ook scheen zijn raad het verstandigst; dus lieten wij ons anker vallen en rustten dien nacht; hoewel [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] van den kapitein naar het huis van een zoo goed, braaf man als hij zelf was, die een ingenio, gelijk men het noemt, dat is, eene plantaadje en suikerfabrijk had. Ik bleef daar eenigen tijd, en leerde de wijze, waarop de suiker geteeld en gefabriceerd wordt. Ziende hoe goed de planters leefden, en hoe spoedig rijk zij werden, besloot ik, als ik er verlof toe bekomen kon, mij daar te vestigen, en [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] moet men onderstellen, dat ik thans vier jaren in Brazilië gewoond had, dat ik thans het plantaadjewerk vrij wel begon te verstaan, en vooruit te gaan in welvaart. Ik had niet alleen de taal geleerd, maar ook met mijne medeplanters bekendschap gemaakt, zoo wel als met de kooplieden van San Salvador, dat onze haven was. In mijne gesprekken had ik hun dikwijls verhaald van mijne twee reizen naar [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch leren, from Old Dutch lēren, from Proto-West Germanic *laiʀijan, from Proto-Germanic *laizijaną. See: Middle Dutch 'leren', Proto-Germanic '*laizijaną'.

    Verbs referencing "leren"

    Afrikaans leer, Danish lære, German, old spelling lehren, Luxembourgish léieren, Alemannic German lehre, Alemannic German lére, Alemannic German leire, Cimbrian lirnan, Cimbrian liirnan, Alemannic German lérne, Alemannic German lërne, Sranan leri.

    Additional Information