hebben – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of hebben

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: hebben
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: hebbend
Past participle - Verleden deelwoord: gehad

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikheb
jijhebt
hijheeft
wijhebben
julliehebben
zijhebben

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gehad
jijhebt gehad
hijheeft gehad
wijhebben gehad
julliehebben gehad
zijhebben gehad

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikhad
jijhad
hijhad
wijhadden
julliehadden
zijhadden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gehad
jijhad gehad
hijhad gehad
wijhadden gehad
julliehadden gehad
zijhadden gehad

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal hebben
jijzult hebben
hijzal hebben
wijzullen hebben
julliezullen hebben
zijzullen hebben

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gehad hebben
jijzult gehad hebben
hijzal gehad hebben
wijzullen gehad hebben
julliezullen gehad hebben
zijzullen gehad hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou hebben
jijzou hebben
hijzou hebben
wijzouden hebben
julliezouden hebben
zijzouden hebben

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gehad hebben
jijzou gehad hebben
hijzou gehad hebben
wijzouden gehad hebben
julliezouden gehad hebben
zijzouden gehad hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijheb

Verbs conjugated like 'hebben'

hebben, liefhebben,

Verbs similar to 'hebben'

dubben, heffen, helen, hellen, helpen, heren, heten, lobben, beffen, bellen,

Translations

  • have, to possess
  • have, auxiliary used in forming the perfect and the past perfect tenses
  • have, engage in sexual intercourse with
  • like, enjoy
  • own, have rightful possession of
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    pakken
    vasthouden
    lijden
    vastklemmen, verdragen

    Sample Sentences

    • [...] en de lotgevallen van Robinson Crusoe Daniel Defoe Ik ben geboren in de stad York, in 1632, van eene deftige familie, die daar echter niet inheemsch was. Mijn vader was van Bremen afkomstig en had zich eerst te Hull gevestigd. Na in den koophandel eene tamelijke fortuin verworven te hebben, liet hij dien varen en ging te York wonen, waar hij met mijne moeder trouwde, die tot eene [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] van eene deftige familie, die daar echter niet inheemsch was. Mijn vader was van Bremen afkomstig en had zich eerst te Hull gevestigd. Na in den koophandel eene tamelijke fortuin verworven te hebben, liet hij dien varen en ging te York wonen, waar hij met mijne moeder trouwde, die tot eene deftige oude familie, Robinson genaamd, aldaar behoorde. Naar deze ontving ik den naam van Robinson [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] Naar deze ontving ik den naam van Robinson Kreutznaer; maar door eene in Engeland niet ongewone verbastering van naam, noemde men ons, en noemen en schrijven wij zelven ons Crusoe; en mijne vrienden hebben mij nimmer anders dan onder dien naam gekend. (Robinson Crusoe)
    • Ik had twee broeders, die ouder waren dan ik; de oudste diende als luitenant-kolonel bij een regement voetvolk in Vlaanderen, toen hij in den slag tegen de Spanjaarden bij Duinkerken sneuvelde. Ik [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] twee broeders, die ouder waren dan ik; de oudste diende als luitenant-kolonel bij een regement voetvolk in Vlaanderen, toen hij in den slag tegen de Spanjaarden bij Duinkerken sneuvelde. Ik heb nimmer vernomen wat er van mijn tweeden broeder geworden is, even als mijne ouders nimmer wisten waar ik gebleven was. (Robinson Crusoe)
    • Ik was de derde zoon en tot geenerlei bedrijf opgeleid, terwijl mijn hoofd reeds vroeg met allerlei luchtkasteelen opgevuld was. Mijn vader, die reeds hoog bejaard was, had mij zooveel onderrigt verschaft als hij kon, zoowel door zijne lessen te huis als door mij op eene school te laten gaan. Hij had mij tot een regtsgeleerde bestemd, maar ik dacht alleen aan [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] opgevuld was. Mijn vader, die reeds hoog bejaard was, had mij zooveel onderrigt verschaft als hij kon, zoowel door zijne lessen te huis als door mij op eene school te laten gaan. Hij had mij tot een regtsgeleerde bestemd, maar ik dacht alleen aan ter zee te varen; en deze neiging maakte mij zoo doof voor de wenschen, zelfs voor de bevelen mijns vaders, en al het smeeken en afraden [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] mijns vaders, en al het smeeken en afraden mijner moeder en mijner bloedverwanten, dat het scheen alsof hierin een zeker noodlot lag, dat mij aandreef tot het rampzalige leven, dat ik sedert geleid heb. (Robinson Crusoe)
    • [...] zwerven, drijven u aan uw vaders huis en uw vaderland, waar gij voortgeholpen kunt worden, door uwe vlijt aangenaam leven, en een ruim bestaan kunt erlangen. Alleen menschen, die niets te verliezen hebben of die groote rijkdommen bezitten, mogen zich door gevaarlijke middelen rijkdom of beroemdheid verwerven; zulke middelen zijn ver boven u of ver beneden u. " Hij voegde er bij, dat ik tot den [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] boven u of ver beneden u. " Hij voegde er bij, dat ik tot den middelstand behoorde, dat is tot dien, welke den hoogsten trap onder de mindere klassen beslaat; een staat, die de ervaring hem geleerd had, dat de gelukkigste voor den mensch is; dewijl men er niet blootgesteld is aan den zwaren arbeid en de ontberingen, waaraan zij, die van hunnen handenarbeid leven, zich moeten onderwerpen, en te [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch hebben, from Old Dutch hebben, from Proto-West Germanic *habbjan, from Proto-Germanic *habjaną, from Proto-Indo-European *kap- (“to grasp”). See: Proto-Germanic '*habjaną'.

    Verbs referencing "hebben"

    Low Saxon hebben, German, old spelling haben, Alemannic German hoh, Alemannic German heen, Alemannic German hè, Alemannic German hä, Alemannic German haa, Afrikaans hê, Alemannic German häbä.

    Additional Information