hanteren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of hanteren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: hanteren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: hanterend
Past participle - Verleden deelwoord: gehanteerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikhanteer
jijhanteert
hijhanteert
wijhanteren
julliehanteren
zijhanteren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gehanteerd
jijhebt gehanteerd
hijheeft gehanteerd
wijhebben gehanteerd
julliehebben gehanteerd
zijhebben gehanteerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikhanteerde
jijhanteerde
hijhanteerde
wijhanteerden
julliehanteerden
zijhanteerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gehanteerd
jijhad gehanteerd
hijhad gehanteerd
wijhadden gehanteerd
julliehadden gehanteerd
zijhadden gehanteerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal hanteren
jijzult hanteren
hijzal hanteren
wijzullen hanteren
julliezullen hanteren
zijzullen hanteren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gehanteerd hebben
jijzult gehanteerd hebben
hijzal gehanteerd hebben
wijzullen gehanteerd hebben
julliezullen gehanteerd hebben
zijzullen gehanteerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou hanteren
jijzou hanteren
hijzou hanteren
wijzouden hanteren
julliezouden hanteren
zijzouden hanteren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gehanteerd hebben
jijzou gehanteerd hebben
hijzou gehanteerd hebben
wijzouden gehanteerd hebben
julliezouden gehanteerd hebben
zijzouden gehanteerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijhanteer

Translations

  • handle, manage with the hands
  • handle, to use the hands
  • wield, to handle or use a weapon
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    behandelen
    gebruiken, verwerken

    Sample Sentences

    • [...] (een Engelsche slaaf even als ik ), midden in de boot eene hut of roef te bouwen, even als van een tentjagtje, van achteren met een stuurstoel en van voren plaats voor een paar man, om de zeilen te hanteren. Deze boot voerde een latijn- of driehoekig zeil, en de giek liep over de tent, waarin hij met een paar slaven zitten en slapen kon, en een tafel had om aan te eten en eenige kastjes, om eenige [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] de rede de grondslag der wiskunde is, en dat iedereen, die gezond over berekeningen en evenredigheden kan oordeelen, alle werktuigelijke kunsten begrijpen en leeren kan. Ik had nimmer gereedschap gehanteerd, maar ten laatste vond ik, dat mij niets ontbrak of ik had het kunnen maken, vooral, als ik gereedschap had gehad. Zonder gereedschap vervaardigde ik echter ook nog veel, en sommige dingen met geen [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] noodig had. De hitte van het klimaat echter deed mij denken, dat als ik slechts goede klei vond, ik wel eene pot daarvan zou kunnen vormen, die in de zon gedroogd, hard en sterk genoeg zou zijn om gehanteerd te worden en drooge goederen in te bewaren. Ik had die noodig voor koorn, vleesch, enz. Ik besloot dus potten te maken, zoo groot als ik kon, en alleen geschikt om iets in te bewaren. (Robinson Crusoe)
    • [...] vergat ik het geld niet, waarvan ik vroeger gesproken heb, en dat zoo lang stil had gelegen, dat het roestig of zwart geworden was, en naauwelijks voor zilver kon doorgaan, voor het wat gewreven en gehanteerd was geworden, alsook het geld, dat ik op het Spaansche wrak had gevonden. Aldus verliet ik het eiland, gelijk ik op het scheepsjournaal zag, den 19 December 1686, nadat ik er achtentwintig jaren, [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch hanteren, hantieren, from Old French hanter, via Old Norse (or possibly Old English) from Proto-Germanic *haimatjaną. See: Proto-Germanic '*haimatjaną'.

    Verbs referencing "hanteren"

    English haunt.

    Additional Information