corroderen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of corroderen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: corroderen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: corroderend
Past participle - Verleden deelwoord: gecorrodeerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikcorrodeer
jijcorrodeert
hijcorrodeert
wijcorroderen
julliecorroderen
zijcorroderen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gecorrodeerd
jijhebt gecorrodeerd
hijheeft gecorrodeerd
wijhebben gecorrodeerd
julliehebben gecorrodeerd
zijhebben gecorrodeerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikcorrodeerde
jijcorrodeerde
hijcorrodeerde
wijcorrodeerden
julliecorrodeerden
zijcorrodeerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gecorrodeerd
jijhad gecorrodeerd
hijhad gecorrodeerd
wijhadden gecorrodeerd
julliehadden gecorrodeerd
zijhadden gecorrodeerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal corroderen
jijzult corroderen
hijzal corroderen
wijzullen corroderen
julliezullen corroderen
zijzullen corroderen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gecorrodeerd hebben
jijzult gecorrodeerd hebben
hijzal gecorrodeerd hebben
wijzullen gecorrodeerd hebben
julliezullen gecorrodeerd hebben
zijzullen gecorrodeerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou corroderen
jijzou corroderen
hijzou corroderen
wijzouden corroderen
julliezouden corroderen
zijzouden corroderen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gecorrodeerd hebben
jijzou gecorrodeerd hebben
hijzou gecorrodeerd hebben
wijzouden gecorrodeerd hebben
julliezouden gecorrodeerd hebben
zijzouden gecorrodeerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijcorrodeer

Translations

  • corrode, to consume
  • corrode, to eat away
  • corrode, to have corrosive action
  • draw, to consume
  • erode, To wear away by abrasion, corrosion or chemical reaction
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch corroderen, from Middle French corroder, from Latin corrōdō. See: Latin 'corrōdō'.

    Additional Information