verstoppen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verstoppen

The word "verstoppen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verstoppen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verstoppend
Past participle - Verleden deelwoord: verstopt

Cognates

See the 3 cognates of verstoppen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverstop
jijverstopt
hijverstopt
wijverstoppen
jullieverstoppen
zijverstoppen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verstopt
jijhebt verstopt
hijheeft verstopt
wijhebben verstopt
julliehebben verstopt
zijhebben verstopt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverstopte
jijverstopte
hijverstopte
wijverstopten
jullieverstopten
zijverstopten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verstopt
jijhad verstopt
hijhad verstopt
wijhadden verstopt
julliehadden verstopt
zijhadden verstopt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verstoppen
jijzult verstoppen
hijzal verstoppen
wijzullen verstoppen
julliezullen verstoppen
zijzullen verstoppen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verstopt hebben
jijzult verstopt hebben
hijzal verstopt hebben
wijzullen verstopt hebben
julliezullen verstopt hebben
zijzullen verstopt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verstoppen
jijzou verstoppen
hijzou verstoppen
wijzouden verstoppen
julliezouden verstoppen
zijzouden verstoppen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verstopt hebben
jijzou verstopt hebben
hijzou verstopt hebben
wijzouden verstopt hebben
julliezouden verstopt hebben
zijzouden verstopt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverstop

Verbs similar to 'verstoppen'

Translations

  • block, to fill, making it impossible to pass
  • conceal, to hide something
  • foul, to clog or obstruct
  • hide, (transitive) put in a place where it will be harder to discover
  • hide, (intransitive) put oneself in a place where one will be harder to find
  • skulk, to conceal oneself; to hide
  • stash, store away for later use
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch verstoppen. Equivalent to stop + ver- -en.

    Verbs referencing "verstoppen"

    German, old spelling verstopfen, English forstop.

    Additional Information