beetpakken – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of beetpakken

The word "beetpakken" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: beetpakken
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: beetpakkend
Past participle - Verleden deelwoord: beetpakt

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbeetpak
jijbeetpakt
hijbeetpakt
wijbeetpakken
julliebeetpakken
zijbeetpakken

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb beetpakt
jijhebt beetpakt
hijheeft beetpakt
wijhebben beetpakt
julliehebben beetpakt
zijhebben beetpakt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbeetpakte
jijbeetpakte
hijbeetpakte
wijbeetpakten
julliebeetpakten
zijbeetpakten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad beetpakt
jijhad beetpakt
hijhad beetpakt
wijhadden beetpakt
julliehadden beetpakt
zijhadden beetpakt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal beetpakken
jijzult beetpakken
hijzal beetpakken
wijzullen beetpakken
julliezullen beetpakken
zijzullen beetpakken

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal beetpakt hebben
jijzult beetpakt hebben
hijzal beetpakt hebben
wijzullen beetpakt hebben
julliezullen beetpakt hebben
zijzullen beetpakt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou beetpakken
jijzou beetpakken
hijzou beetpakken
wijzouden beetpakken
julliezouden beetpakken
zijzouden beetpakken

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou beetpakt hebben
jijzou beetpakt hebben
hijzou beetpakt hebben
wijzouden beetpakt hebben
julliezouden beetpakt hebben
zijzouden beetpakt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbeetpak

Verbs similar to 'beetpakken'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

From beet + pakken.

Additional Information