verstrekken – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verstrekken

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verstrekken
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verstrekkend
Past participle - Verleden deelwoord: verstrekt

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverstrek
jijverstrekt
hijverstrekt
wijverstrekken
jullieverstrekken
zijverstrekken

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verstrekt
jijhebt verstrekt
hijheeft verstrekt
wijhebben verstrekt
julliehebben verstrekt
zijhebben verstrekt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverstrekte
jijverstrekte
hijverstrekte
wijverstrekten
jullieverstrekten
zijverstrekten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verstrekt
jijhad verstrekt
hijhad verstrekt
wijhadden verstrekt
julliehadden verstrekt
zijhadden verstrekt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verstrekken
jijzult verstrekken
hijzal verstrekken
wijzullen verstrekken
julliezullen verstrekken
zijzullen verstrekken

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verstrekt hebben
jijzult verstrekt hebben
hijzal verstrekt hebben
wijzullen verstrekt hebben
julliezullen verstrekt hebben
zijzullen verstrekt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verstrekken
jijzou verstrekken
hijzou verstrekken
wijzouden verstrekken
julliezouden verstrekken
zijzouden verstrekken

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verstrekt hebben
jijzou verstrekt hebben
hijzou verstrekt hebben
wijzouden verstrekt hebben
julliezouden verstrekt hebben
zijzouden verstrekt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverstrek

Translations

Synonyms & Antonyms

Synonyms

geven
leveren, verschaffen

Sample Sentences

  • Al dien tijd werkte ik, om eene kamer of kelder te maken, groot genoeg om mij tot magazijn, tot keuken, tot eetkamer en tot kelder te verstrekken. De tent was mijne eigenlijke woning; maar in het regensaisoen regende het somtijds zoo hard, dat ik er mij niet droog kon houden, daarom bedekte ik naderhand mijn geheele verblijf binnen de [...] (Robinson Crusoe)
  • [...] vernemen zal. Behalve dit graan waren er twintig of dertig rijsthalmen opgeschoten, die ik even zorgvuldig en met hetzelfde oogmerk bewaarde, namelijk, om later mij tot brood, of liever tot spijs te verstrekken; want ik vond middel om het te koken, zonder het te bakken, schoon ik dit naderhand ook deed. Doch ik keer tot mijn journaal terug. (Robinson Crusoe)

Etymology

From ver- + strekken.

Additional Information