strengelen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of strengelen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: strengelen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: strengelend
Past participle - Verleden deelwoord: gestrengeld

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikstrengel
jijstrengelt
hijstrengelt
wijstrengelen
julliestrengelen
zijstrengelen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gestrengeld
jijhebt gestrengeld
hijheeft gestrengeld
wijhebben gestrengeld
julliehebben gestrengeld
zijhebben gestrengeld

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikstrengelde
jijstrengelde
hijstrengelde
wijstrengelden
julliestrengelden
zijstrengelden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gestrengeld
jijhad gestrengeld
hijhad gestrengeld
wijhadden gestrengeld
julliehadden gestrengeld
zijhadden gestrengeld

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal strengelen
jijzult strengelen
hijzal strengelen
wijzullen strengelen
julliezullen strengelen
zijzullen strengelen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gestrengeld hebben
jijzult gestrengeld hebben
hijzal gestrengeld hebben
wijzullen gestrengeld hebben
julliezullen gestrengeld hebben
zijzullen gestrengeld hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou strengelen
jijzou strengelen
hijzou strengelen
wijzouden strengelen
julliezouden strengelen
zijzouden strengelen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gestrengeld hebben
jijzou gestrengeld hebben
hijzou gestrengeld hebben
wijzouden gestrengeld hebben
julliezouden gestrengeld hebben
zijzouden gestrengeld hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijstrengel

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

  • Oogenblikkelijk sneed ik de gestrengelde biezen los, waarmede zij hem gebonden hadden; en wilde hem ophelpen; maar hij kon niet staan of spreken; maar kermde jammerlijk, meenende naar het schijnt, dat hij alleen losgemaakt werd om geslagt [...] (Robinson Crusoe)

Etymology

Additional Information