laten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of laten

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: laten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: latend
Past participle - Verleden deelwoord: gelaten

Cognates

See the 9 cognates of laten

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

iklaat
jijlaat
hijlaat
wijlaten
jullielaten
zijlaten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gelaten
jijhebt gelaten
hijheeft gelaten
wijhebben gelaten
julliehebben gelaten
zijhebben gelaten

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikliet
jijliet
hijliet
wijlieten
jullielieten
zijlieten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gelaten
jijhad gelaten
hijhad gelaten
wijhadden gelaten
julliehadden gelaten
zijhadden gelaten

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal laten
jijzult laten
hijzal laten
wijzullen laten
julliezullen laten
zijzullen laten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gelaten hebben
jijzult gelaten hebben
hijzal gelaten hebben
wijzullen gelaten hebben
julliezullen gelaten hebben
zijzullen gelaten hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou laten
jijzou laten
hijzou laten
wijzouden laten
julliezouden laten
zijzouden laten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gelaten hebben
jijzou gelaten hebben
hijzou gelaten hebben
wijzouden gelaten hebben
julliezouden gelaten hebben
zijzouden gelaten hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijlaat

Translations

  • belch, expel gas from the stomach through the mouth
  • condone, to allow
  • down, to drop
  • feature, ascribe the greatest importance
  • get, to cause to do
  • guff, break wind
  • hang, computing: to cause (a program or computer) to stop responding
  • leave, to cause to remain as available, not take away, refrain from depleting
  • leave, to transfer possession after death
  • let, to allow
  • line, of a dog: impregnate
  • make, to cause to do
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    geven
    loslaten, slaken
    bewaren
    opbergen, stoppen, wegbergen
    dulden
    toestaan, veroorloven
    doen
    maken, veroorzaken
    opgeven
    prijsgeven
    afstaan
    overlaten

    Antonyms

    bewaren
    treffen

    Sample Sentences

    • [...] eene deftige familie, die daar echter niet inheemsch was. Mijn vader was van Bremen afkomstig en had zich eerst te Hull gevestigd. Na in den koophandel eene tamelijke fortuin verworven te hebben, liet hij dien varen en ging te York wonen, waar hij met mijne moeder trouwde, die tot eene deftige oude familie, Robinson genaamd, aldaar behoorde. Naar deze ontving ik den naam van Robinson Kreutznaer; [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] met allerlei luchtkasteelen opgevuld was. Mijn vader, die reeds hoog bejaard was, had mij zooveel onderrigt verschaft als hij kon, zoowel door zijne lessen te huis als door mij op eene school te laten gaan. Hij had mij tot een regtsgeleerde bestemd, maar ik dacht alleen aan ter zee te varen; en deze neiging maakte mij zoo doof voor de wenschen, zelfs voor de bevelen mijns vaders, en al het [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] dat, zoo ik mij tot het een of ander vak begaf, ik gewis dit vóór het einde van mijn leertijd zou vaarwel zeggen; en dat, zoo zij mijn vader wilde overhalen mij eene enkele reis buiten ' s lands te laten doen, ik bij mijne terugkomst, zoo deze levenswijs mij niet beviel, haar zou vaarwel zeggen, en door verdubbelde vlijt den verloren tijd inhalen. (Robinson Crusoe)
    • [...] hem te vergezellen, met de gewone drangreden van een zeeman, namelijk, dat de overtogt mij niets zou kosten. Zonder alstoen mijne ouders te raadplegen, zonder hen kennis te geven van mijn vertrek, liet ik het aan het toeval over, wanneer en op welke wijze zij hiervan berigt zouden bekomen; zonder te denken om mijns vaders zegen of dien van God te vragen, zonder op de omstandigheden of gevolgen van [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] allerlei vrolijkheid. Eindelijk werd den achtsten dag, des morgens, de wind zoo hevig, dat alle man aan het werk moest om de stengen te strijken, ten einde den wind zoo weinig vat als mogelijk te laten. Tegen den middag ging de zee vreesselijk hoog, ons schip kreeg verscheidene stortzeeën over, en eens of twee malen dachten wij dat het anker te huis kwam, zoodat de schipper besloot het plegtanker [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] den middag ging de zee vreesselijk hoog, ons schip kreeg verscheidene stortzeeën over, en eens of twee malen dachten wij dat het anker te huis kwam, zoodat de schipper besloot het plegtanker te laten vallen, waarop wij met twee ankers vooruit lagen en met de touwen tot aan het einde uitgestoken. Weldra stak er een allervreesselijkste orkaan op, en thans zag ik op de gezigten der matrozen zelve [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] niet gebeurde, het schip zinken moest. Toen het geschied was stond de groote mast zoo los, en gaf het schip zulke geweldige rukken, dat wij verpligt waren dien ook te kappen, en niets op het dek te laten. (Robinson Crusoe)
    • [...] Doch, bijaldien ik na een zoo lang tijdverloop, de denkbeelden, die mij toen bezig hielden, mij nog kan te binnen brengen, dunkt mij, dat mijn vorig berouw en de verstoktheid, waarmede ik dit had laten varen, mij tienmaal meer kwelling veroorzaakten, dan het naderen van den dood; deze denkbeelden, gevoegd bij het woeden van den storm, bragten mij in een toestand, die niet door woorden kan [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] op, strompelde naar de pomp en ging ijverig aan het werk. Terwijl dit gebeurde, zag de kapitein eenige ligte kolenschepen, die niet in staat zijnde den storm uit te rijden, hunne ankers hadden laten glippen en naar zee gingen, terwijl zij digt langs ons heen liepen. Hij gaf last een noodschot te doen. Ik, die niet wist wat dit beteekende, dacht dat het schip in tweeën scheurde, of iets [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] zij het vast, en wij haalden hen digt achter ons en gingen er allen in. Wij konden er niet aan denken het vaartuig, waarvan men ons te hulp was gekomen, te bereiken, en besloten dus de boot te laten drijven en zoo veel mogelijk haar naar den wal te roeijen, en onze kapitein beloofde, dat als de boot verbrijzelde, hij die aan hunnen kapitein zou betalen. Aldus kwamen wij deels roeijende, deels [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch laten, from Old Dutch lātan, from Proto-West Germanic *lātan, from Proto-Germanic *lētaną. See: Middle Dutch 'laten', Proto-Germanic '*lētaną'.

    Verbs referencing "laten"

    Alemannic German lah, German, old spelling lassen, Afrikaans laat, German, Pennsylvania losse, Luxembourgish loossen.

    Additional Information