folteren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of folteren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: folteren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: folterend
Past participle - Verleden deelwoord: gefolterd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikfolter
jijfoltert
hijfoltert
wijfolteren
julliefolteren
zijfolteren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gefolterd
jijhebt gefolterd
hijheeft gefolterd
wijhebben gefolterd
julliehebben gefolterd
zijhebben gefolterd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikfolterde
jijfolterde
hijfolterde
wijfolterden
julliefolterden
zijfolterden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gefolterd
jijhad gefolterd
hijhad gefolterd
wijhadden gefolterd
julliehadden gefolterd
zijhadden gefolterd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal folteren
jijzult folteren
hijzal folteren
wijzullen folteren
julliezullen folteren
zijzullen folteren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gefolterd hebben
jijzult gefolterd hebben
hijzal gefolterd hebben
wijzullen gefolterd hebben
julliezullen gefolterd hebben
zijzullen gefolterd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou folteren
jijzou folteren
hijzou folteren
wijzouden folteren
julliezouden folteren
zijzouden folteren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gefolterd hebben
jijzou gefolterd hebben
hijzou gefolterd hebben
wijzouden gefolterd hebben
julliezouden gefolterd hebben
zijzouden gefolterd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijfolter

Translations

  • excruciate, to inflict intense pain or mental distress on (someone); to torture
  • torture, to intentionally inflict unnecessary pain or suffering on helpless victims
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    kwellen
    martelen, pijnigen, teisteren

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from German foltern, probably from Latin poletrus. See: German, old spelling 'foltern'.

    Additional Information