betoveren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of betoveren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: betoveren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: betoverend
Past participle - Verleden deelwoord: betoverd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbetover
jijbetovert
hijbetovert
wijbetoveren
julliebetoveren
zijbetoveren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb betoverd
jijhebt betoverd
hijheeft betoverd
wijhebben betoverd
julliehebben betoverd
zijhebben betoverd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbetoverde
jijbetoverde
hijbetoverde
wijbetoverden
julliebetoverden
zijbetoverden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad betoverd
jijhad betoverd
hijhad betoverd
wijhadden betoverd
julliehadden betoverd
zijhadden betoverd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal betoveren
jijzult betoveren
hijzal betoveren
wijzullen betoveren
julliezullen betoveren
zijzullen betoveren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal betoverd hebben
jijzult betoverd hebben
hijzal betoverd hebben
wijzullen betoverd hebben
julliezullen betoverd hebben
zijzullen betoverd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou betoveren
jijzou betoveren
hijzou betoveren
wijzouden betoveren
julliezouden betoveren
zijzouden betoveren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou betoverd hebben
jijzou betoverd hebben
hijzou betoverd hebben
wijzouden betoverd hebben
julliezouden betoverd hebben
zijzouden betoverd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbetover

Translations

  • charm, seduce, entrance or fascinate
  • charm, use a magical charm
  • bewitch, to cast a spell upon
  • enchant, to cast a spell upon
  • hex, to put a hex on
  • mesmerize, to exercise mesmerism on
  • jinx, To cast a spell on
  • enthrall, hold spellbound
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    fascineren
    biologeren, boeien

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch *bitôveren, from Old Dutch *bitōvaron, from Proto-West Germanic *bitaubrōn. Equivalent to be- + toveren. Cognate with German bezaubern. See: Old Dutch '*bitōvaron', German, old spelling 'bezaubern'.

    Verbs referencing "betoveren"

    German, old spelling bezaubern.

    Additional Information