ordenen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of ordenen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: ordenen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: ordenend
Past participle - Verleden deelwoord: geordend

Cognates

See the 2 cognates of ordenen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikorden
jijordent
hijordent
wijordenen
jullieordenen
zijordenen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geordend
jijhebt geordend
hijheeft geordend
wijhebben geordend
julliehebben geordend
zijhebben geordend

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikordende
jijordende
hijordende
wijordenden
jullieordenden
zijordenden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geordend
jijhad geordend
hijhad geordend
wijhadden geordend
julliehadden geordend
zijhadden geordend

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal ordenen
jijzult ordenen
hijzal ordenen
wijzullen ordenen
julliezullen ordenen
zijzullen ordenen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geordend hebben
jijzult geordend hebben
hijzal geordend hebben
wijzullen geordend hebben
julliezullen geordend hebben
zijzullen geordend hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou ordenen
jijzou ordenen
hijzou ordenen
wijzouden ordenen
julliezouden ordenen
zijzouden ordenen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geordend hebben
jijzou geordend hebben
hijzou geordend hebben
wijzouden geordend hebben
julliezouden geordend hebben
zijzouden geordend hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijorden

Translations

  • order, to set in (any) order
  • order, to set in (a good) order
  • arrange, to put in order
  • digest, to distribute or arrange methodically
  • geminate, to arrange in pairs
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    opruimen
    rangschikken

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch ordenen, borrowed, partly via Old French ordene (modern French ordre), from Latin ōrdo (“series, row, order”). Related to English order. See: French 'ordre', Latin 'ōrdo', English 'order'.

    Additional Information