kween – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of kween

The word "kween" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: kween
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: kweend
Past participle - Verleden deelwoord: gekwed

Cognates

See the 4 cognates of kween

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikkwe
jijkwet
hijkwet
wijkween
julliekween
zijkween

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gekwed
jijhebt gekwed
hijheeft gekwed
wijhebben gekwed
julliehebben gekwed
zijhebben gekwed

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikkwede
jijkwede
hijkwede
wijkweden
julliekweden
zijkweden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gekwed
jijhad gekwed
hijhad gekwed
wijhadden gekwed
julliehadden gekwed
zijhadden gekwed

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal kween
jijzult kween
hijzal kween
wijzullen kween
julliezullen kween
zijzullen kween

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gekwed hebben
jijzult gekwed hebben
hijzal gekwed hebben
wijzullen gekwed hebben
julliezullen gekwed hebben
zijzullen gekwed hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou kween
jijzou kween
hijzou kween
wijzouden kween
julliezouden kween
zijzouden kween

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gekwed hebben
jijzou gekwed hebben
hijzou gekwed hebben
wijzouden gekwed hebben
julliezouden gekwed hebben
zijzouden gekwed hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijkwe

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Verbs referencing "kween"

English queen.

Additional Information