vernietigen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of vernietigen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: vernietigen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: vernietigend
Past participle - Verleden deelwoord: vernietigd

Cognates

See the 2 cognates of vernietigen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikvernietig
jijvernietigt
hijvernietigt
wijvernietigen
jullievernietigen
zijvernietigen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb vernietigd
jijhebt vernietigd
hijheeft vernietigd
wijhebben vernietigd
julliehebben vernietigd
zijhebben vernietigd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikvernietigde
jijvernietigde
hijvernietigde
wijvernietigden
jullievernietigden
zijvernietigden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad vernietigd
jijhad vernietigd
hijhad vernietigd
wijhadden vernietigd
julliehadden vernietigd
zijhadden vernietigd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal vernietigen
jijzult vernietigen
hijzal vernietigen
wijzullen vernietigen
julliezullen vernietigen
zijzullen vernietigen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal vernietigd hebben
jijzult vernietigd hebben
hijzal vernietigd hebben
wijzullen vernietigd hebben
julliezullen vernietigd hebben
zijzullen vernietigd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou vernietigen
jijzou vernietigen
hijzou vernietigen
wijzouden vernietigen
julliezouden vernietigen
zijzouden vernietigen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou vernietigd hebben
jijzou vernietigd hebben
hijzou vernietigd hebben
wijzouden vernietigd hebben
julliezouden vernietigd hebben
zijzouden vernietigd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijvernietig

Translations

  • abolish, to destroy
  • annihilate, to reduce to nothing, to destroy, to eradicate
  • dash, to destroy
  • demolish, to destroy
  • destroy, destroy
  • destroy, to damage beyond use or repair
  • destroy, (colloquial) to defeat soundly
  • destruct, to cause the destruction of
  • extinguish, to destroy or abolish something
  • gut, To remove or destroy the most important parts of
  • immolate, destroy
  • nix, to destroy
  • nullify, make legally invalid
  • quash, to void or suppress (a subpoena, decision)
  • ruin, to destroy
  • scupper, thwart, destroy
  • waste, to destroy
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    verwoesten
    wegvagen
    annuleren
    tenietdoen

    Sample Sentences

    • [...] staat mijns levens bevonden had. Maar nu ik ziek werd, en langzamerhand de dood met al zijne verschrikkingen, zich voor mijne oogen vertoonde; nu mijn moed door eene zware ongesteldheid vernietigd werd, en de natuur door de hevigheid der koorts uitgeput was; begon mijn geweten, dat zoo lang gesluimerd had, te ontwaken. Ik verweet mij mijn vorig leven, dat mij zoo blijkbaar de straffende hand [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] inwendige stem te hooren, die mij zeide: " Rampzalige, vraagt gij wat gij gedaan hebt, Zie terug op uw vorig leven, en vraag u zelven wat gij niet gedaan hebt. Vraag waarom gij niet reeds voor lang vernietigd zijt ? Waarom zijt gij niet op de reede van Yarmouth verdronken ? gedood in het gevecht met den kaper van Salé ? door de wilde dieren op de Afrikaansche kust verscheurd ? of hier verdronken, toen al [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] veel gezegd van Gods almagt, zijne afkeer van zonde, hoe hij een verterend vuur was voor de werkers van ongeregtigheid; hoe Hij, die ons allen geschapen had, ons en de geheele wereld door zijn wil vernietigen kon, en al dien tijd had hij met de grootste aandacht naar mij geluisterd. Daarna verhaalde ik hem hoe de duivel, Gods vijand, in de harten der menschen was, en al zijne list besteedde om de goede [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From nietig + ver- -en. First attested in the 16th century.

    Verbs referencing "vernietigen"

    Swedish förinta.

    Additional Information