Noun: bioscoop
Gender: Masculine
Hyphenation:
Sample Sentences
-
Een vereiste is dat er publiek is in de bioscoop, maar liefst geen volle zaal. Te veel publiek leidt af. [2011, Remco Campert, Mijn eenmanszaak, De Bezige Bij:]
-
'Wat nou?' zegt Tom. 'Dat is heus niet alles, hoor. Ik wil het echt goed maken. Ik trakteer Sander op een bioscoopje.' [1999, Carry Slee, Kappen!, FMB uitgevers:]
-
2013, Willem Brakman, Een winterreis, Querido, 5th edition (e-book) (1st edition 1961).
-
Wanneer Akijn zijn vader ging bezoeken, zorgde hij er meestal voorna het bezoek iets prettigs in het vooruitzicht te hebben: het bezoek aan een vriend, een wandeling of een bioscoopje. ((please add an English translation of this quotation))
-
De heer Münch heeft films doen vervaardigen, waarop teekeningen zijn gereproduceerd om met de bioscoop verschillende onderwerpen, vooral op het gebied van de wiskunde, te verduidelijken. [1912, De Ingenieur, volume 27, N.V. A. Oosthoek, 289:]
-
Hij had al veel gehoord over die bewegende toverlantaarn, die bioscoop werd genoemd en er zelfs een stuk in de krant over gelezen, maar gezien had hij het nog niet. [1949, Maurits Dekker, Het merkteken, Moussault, 130:]
Nouns inflected like bioscoop
kringloop,
manchetknoop,
siroop,
bolhoop,
filantroop,
stormloop,
puinhoop,
elektronenmicroscoop,
verkeersknoop,
biotoop,
leegloop,
periscoop,
vuurdoop,
isotoop,
huurkoop,
caleidoscoop,
aardhoop,
executieverkoop,
duizendknoop,
autobioscoop, etc. (List truncated at 20 nouns)
Etymology
Borrowed from French bioscope and/or German Bioscop (now spelt Bioskop), a term used in the names of two early film projectors, developed by the Frenchman Georges Demenÿ and the German Max Skladanowsky, respectively. Compare English bioscope. Ultimately from Ancient Greek βίος (bíos, “bio-, life”) + σκοπέω (skopéō, “I look at”), thus roughly “watching life”. Equivalent to bio- + -scoop. See: French Nouns '
bioscope', German Nouns '
Bioscop', English Nouns '
bioscope', Ancient Greek Nouns '
βίος'.
Translations