Noun: jongen
Gender: Masculine
Hyphenation:
Sample Sentences
-
De jongen speelt in de tuin met zijn bal. (The boy is playing in the garden with his ball.)
-
Kom op, jongens, laten we naar buiten gaan en spelen! (Come on, kids/guys, let's go outside and play!)
-
Hé, jongens, hoe gaat het vandaag? (Hey, mates/dudes/bros, how's it going today?)
-
De rijke koopman had een jongen die hem hielp bij zijn dagelijkse taken. (The wealthy merchant had a male servant who assisted him with his daily tasks.)
-
De nieuwe medewerker is nog maar een jongen in het vak, dus we moeten hem nog veel leren. (The new employee is still a trainee in the job, so we have to teach him a lot.)
Nouns inflected like jongen
vaatwasmachine,
hekkensluiter,
urinoir,
whiskey,
internetsite,
internetcafé,
bestemoer,
besteller,
renovatie,
stokstaartje,
benzinestation,
kruipklokje,
bodybuildster,
scharminkel,
vrijbuiter,
server,
serval,
sessie,
seider,
selfie, etc. (List truncated at 20 nouns)
Etymology
From Middle Dutch jongen, dative/accusative form of jonge, a nominal use of jong (“young”). Cognate with German Junge (“boy”). See: German Nouns '
Junge'.
Verbs referencing "jongen"
Russian Nouns
юнга.
Translations