hooggegrepen – Dutch adjective declension

Dutch adjective forms of hooggegrepen

Adjective: hooggegrepen

Indefinite Forms

masc. & fem.hooggegrepen
neuterhooggegrepen

Comparison Forms

Positivehooggegrepen

Sample Sentences

Adjectives inflected like hooggegrepen

inbegrepen, senang, onaangesproken, bestorven, single, bedoven, benigne, bezopen, granieten, smaragden, amethisten, veertiende, veertigste, lichaamseigen, badstof, apatride, zinken, zijden, Groninger, blikken, etc. (List truncated at 20 adjectives)

Etymology

Univerbation of hoog + gegrepen.

Translations